De werkloosheid daalt, het aantal vacatures piekt. De zegeberichten over de Vlaamse arbeidsmarkt zijn talrijk. Toch zijn en blijven er structurele problemen. De arbeidsmarktkrapte, de lage werkzaamheidsgraad, enz. worden vaak genoemd. De taalachterstand bij werkzoekenden blijft echter onderbelicht. Niet alleen in de pers, maar ook in het beleid van minister Muyters en VDAB. Dat blijkt uit antwoorden op parlementaire vragen van Vlaams volksvertegenwoordiger Robrecht Bothuyne (CD&V).

De cijfers zijn duidelijk. 4 jaar geleden, begin 2015 waren er 239 567 werkzoekenden bij VDAB ingeschreven. Ten waren er 35 219 werkzoekenden, of 14,7% van het totaal, die het Nederlands niet of nauwelijks machtig zijn. Nu, begin 2019 zijn er fors minder werkzoekenden; nog 192 445. 32 861 daarvan kennen geen of nauwelijks Nederlands. Bothuyne: ‘Dit wil zeggen dat meer dan 17% van de werkzoekenden geen of nauwelijks Nederlands spreken. Nochtans is de taal essentieel om te integreren, ook en vooral op de arbeidsmarkt.’

Zijn dat dan allemaal recent ingestroomde werkzoekenden, afkomstig van vluchtelingenstromen enz? Bothuyne: ‘De cijfers spreken dit tegen. Bijna 10 000 van deze werkzoekenden zijn al langer dan 2 jaar werkloos. 4830 krijgen al meer dan 4 jaar een uitkering en nog steeds spreken de betrokkenen geen of nauwelijks Nederlands. Dit is onaanvaardbaar.’

Bothuyne: het beleid is dan ook veel te laks. Werkzoekenden die zich bij VDAB inschrijven  en het Nederlands niet machtig zijn, zouden vanaf dag één in een taalcursus ingeschreven moeten worden door diezelfde VDAB. Maar waar je zou verwachten dat er toch minstens evenveel taalopleidingen als Nederlands onmachtige werkzoekenden zouden zijn, is dat verre van het geval.

VDAB organiseert elk jaar zowat 6000 taalopleidingen Nederlands; in 2015 waren er 6653 beëindigde taalopleidingen Nederlands. In 2018 waren er 6287. Ongeveer 2/3 slaagt in deze taalopleidingen.

jaar

Aantal taalopleidingen

Aantal geslaagden

Slaagpercentage

2015

6653

4097

61,6%

2016

5958

3631

60,9%

2017

6116

3816

62,3%

2018

6287

4011

63,7%

 

Minister Muyters beloofde eerder al beterschap. In 2017 lanceerde hij samen met VDAB al het actieplan ‘Integratie door werk’. Er zou meer ingezet worde op taalopleidingen Nederlands op de werkvloer. Minder saaie klassikale taalopleidingen, meer praktische georiënteerde on-the-job-training. Bothuyne: ‘dat was de bedoeling. Ook hier is de realiteit anders. In 2013 waren er nog 1519 werknemers die een opleiding ‘Nederlands op de werkvloer’ kregen. Vorig jaar was dit gedaald tot nog slechts 486 cursisten. Het aantal opleidingen ‘Nederlands op de werkvloer’ is dus gedeeld door drie… En ook de werkzoekendenopleidingen op de werkvloer met taalondersteuning, de IBO-t, blijft een mager beestje. In 2018 waren er zo 225, net evenveel als in 2017.’

Bothuyne: ‘het aanbod taalopleidingen Nederlands van VDAB is te beperkt, veel te beperkt. Elke werkzoekende met een taalachterstand Nederlands moet voor CD&V vanaf dag één in een taalopleiding, klassikaal of op de werkvloer. Wie niet meewerkt aan deze opleiding, heeft ook geen recht op een uitkering. Vlaanderen kan dat ook zelf beslissen. VDAB is nu immers zelf bevoegd om werkzoekenden te sanctioneren die niet voldoende meewerken.

En de lat mag daarbij ook niet te laag liggen. VDAB stelt dat een basiskennis Nederlands, net genoeg om aan de slag te gaan, volstaat. Maar dat is kortzichtig. De kennis van het Nederlands is belangrijk om zich te integreren, niet alleen op de arbeidsmarkt, maar ook daarbuiten.

In Nederland bestaat een ‘staatsexamen Nederlands’ voor anderstalige werkzoekenden en inburgeraars. Ook in Vlaanderen kan na een inbugeringstraject een attest ‘NT2’ worden bekomen. Maar dit is te beperkt en te weinig ambitieus. ‘In Nederland wordt de lat hoger gelegd: daar slaagt men pas als men een ‘onafhankelijk gebruiker’ is van de Nederlandse taal. In Vlaanderen is een basiskennis voldoende. Bothuyne: elke anderstalige werkzoekende moet niet alleen verplicht worden om taalopleiding Nederlands te volgen, ook moet er een ‘staatsexamen’ komen, waarbij de lat hoog genoeg wordt gelegd, naar Nederlands voorbeeld.’

Robrecht Bothuyne: ‘De minister van werk en zijn partij hebben de mond vol over ‘verandering’, maar als het gaat over de integratie van anderstalige werkzoekenden, is er weinig ‘verandering’ te merken. Het is eerder stilstand. Het is tijd om een tandje bij te steken met betrekking tot de integratie op de arbeidsmarkt van anderstaligen, weg van de vrijblijvendheid. Mensen die jaren lang uitkeringen genieten zonder een woord Nederlands te kennen of zonder opleiding te volgen. Dit kan niet meer. Onze arbeidsmarkt heeft immers elk talent nodig. Er staan op dit moment 50000 vacatures open!’

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.