Het gebruik van opleidingscheques is gekelderd. Dat blijkt uit het antwoord op een parlementaire vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Robrecht Bothuyne (CD&V). Bothuyne: ‘Vorig jaar werden slechts 20 746 opleidingscheques gebruikt. Ter vergelijking; in 2010 ging het nog om 159 295 opleidingscheques. De scherpste daling is te wijten aan het inperken van de doelgroep in 2015 door toenmalig minister Muyters in 2015; hij sloot hooggeschoolden grotendeels uit. Maar ook in de jaren erna daalde het gebruik van de opleidingscheques jaar na jaar.’

In de debatten over de relance na de coronacrisis is het mantra van alle experten ‘opleiden, opleiden, opleiden’ als het gaat over het te voeren arbeidsmarktbeleid. Vlamingen scoren historisch slecht als het gaat over opleiding volgen. Eurostat-cijfers die in kaart brengen hoeveel procent van de mensen tussen 25 en 64 de voorbije weken opleiding volgden geven voor Vlaanderen 8,6% aan. In de Scandinavische landen Zweden, Finland en Denemarken, al jaren koplopers als het op levenslang leren aankomt, gelijkaardige indicatoren respectievelijk 34,3%, 29,0% en 25,3% bedragen. Dat komt vooral omdat deze landen een echte leercultuur kennen. In deze landen is de bereidheid om deel te nemen aan opleiding een stuk hoger dan in Vlaanderen.

Werkgevers leveren nochtans veel inspanningen. De meeste ondernemingen (85%) bieden opleiding aan, blijkt uit recent onderzoek. Maar wanneer we dan kijken naar de effectieve deelname van werknemers, blijkt dat slechts de helft van de werknemers opleiding heeft gevolgd. Vooral kortgeschoolden, 55-plussers en niet-beroepsactieven. Deze groepen zien ook het minste nood aan opleiding.

Bothuyne: ‘De Vlaamse opleidingscheques zijn dus in vrije val In 2010 werd nog bijna 24 miljoen euro gespendeerd voor bijna 160 000 cheques. In 2019 was dit nog 3,9 miljoen euro voor iets meer dan 20 000 opleidingscheques. Dit zijn alarmerende cijfers. Zeker in deze crisistijd. Mensen hebben net nu nood aan opleiding en vorming om hun kansen op de arbeidsmarkt te verhogen.’

Met opleidingscheques kunnen werknemers de helft van de kosten van arbeidsmarktgerichte opleidingen terugbetaald krijgen, met een maximum van 250 euro. De werknemer betaalt dan 125 euro, al kan die eigen bijdrage voor sommige opleidingen (bijvoorbeeld knelpuntopleidingen) wegvallen. Hoger opgeleiden hebben geen recht op opleidingscheques behalve voor opleidingen in uitvoering van een Persoonlijk ontwikkelingsplan, na loopbaanbegeleiding.

Niet alleen de opleidingscheques gaan erop achteruit trouwens: ook het aantal cursisten die VDAB bereikt, voornamelijk werkzoekenden, daalde sinds 2015 onophoudelijk. Enkel in 2019 is er een beperkte toename. In 2015 bereikte VDAB nog 40 624 mensen met een opleiding. Dat zakte elk jaar tot 29 925 cursisten in 2018. Vorig jaar steeg dat aantal naar 32 518 mensen. Bothuyne: ‘Ook dat is onrustwekkend; zeker werkzoekenden hebben nood aan competentieversterking. Als VDAB dan aan minder in plaats van aan meer mensen opleidingen aanbiedt, is dat allesbehalve positief. De trend in 2019 lijkt gekeerd; hopelijk zet dit stijgend bereik zich nu door.’

Het is echt tijd dat het tij gekeerd wordt. Bothuyne: ‘Het Vlaams parlement, gesteund door de sociale partners van de SERV, pleit in de relanceresolutie voor een versoepeling; waarbij bijvoorbeeld opleidingscheques door iedereen, ook hooggeschoolden, zouden kunnen gebruikt worden voor het groeiend aanbod digitale opleidingen. Ook zou de steun voor groepen die nu te weinig aan opleiding doen, zoals laaggeschoolden, tijdelijk verhoogd kunnen worden.’

Maar er is meer nodig. Het opleidingsaanbod moet verruimd en vernieuwd worden én het moet veel duidelijker en transparant aangeboden worden, via één gekoppelde opleidingsdatabank. De databank zou alle arbeidsmarktgerichte en kwaliteitsvolle opleidingen in Vlaanderen moeten omvatten, zowel door scholen, syntra, VDAB, sectoren, als private opleidingsverstrekkers. Dit is een opdracht voor VDAB als regisseur op onze arbeidsmarkt. Bothuyne: ‘Dit aanbod zou ook heel actief moeten gepromoot worden. VDAB zou uiteindelijk pro-actief jaarlijks een opleidingsaanbod op maat aan elke Vlaming op arbeidsleeftijd moeten aanbieden.’

Ten tweede zouden instrumenten als het Vlaams opleidingsverlof, waarmee je 125 uur betaald opleidingsverlof kan nemen, en de opleidingscheques geïntegreerd moeten kunnen worden in een Vlaamse leer- en loopbaanrekening. Bothuyne: ‘Elke Vlaming op arbeidsleeftijd zou zo’n rekening moeten hebben, gespijsd door middelen van de overheid, de sectoren en de betrokkene zelf. Daarmee kan gespaard worden om opleidingen aan te kopen of er tijd voor te maken. We moeten inhoudelijk interessante opleidingen aanbieden en tegelijk dat aanbod financieel aantrekkelijk maken.’

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.