Om werkzoekenden aan de slag te krijgen doet de VDAB ook een beroep op private partners. Aan dit ‘tenderbeleid’ besteedde de VDAB vorig jaar 8.32% van het totale werkingsbudget van 820 miljoen euro. Voor Vlaams Volksvertegenwoordigers Robrecht Bothuyne (CD&V), Axel Ronse (N-VA) en Tom Ongena (Open Vld) is het belangrijk dat dit gemeenschapsgeld doordacht besteed wordt: “Het is sinds 2009 geleden dat hierover nog een extern onderzoek werd verricht door een onafhankelijke instantie”. Zij dienen daarom een motie in waarin het Rekenhof gevraagd wordt om het tenderbeleid op zijn resultaten en kostprijs te onderzoeken.

De VDAB is de centrale arbeidsmarktregisseur en werkt sinds 2004 voor haar dienstverlening samen met externe partners, zowel private profit- en non-profitpartners. Het Vlaams Regeerakkoord wil die regisseursrol versterken en externe partners nog meer betrekken bij de uitvoering ervan. De redenering achter die toenemende publiek-private samenwerking is dat op die manier een groter aantal werkzoekenden kan begeleid worden, maar ook dat de VDAB expertise kan inhuren voor de begeleiding van groepen werkzoekenden waarvoor zij zelf niet over de nodige expertise en specialisatie beschikken.

Samenwerking met externe partners

Zo’n 33% van het totale werkingsbudget van de VDAB (820 miljoen euro) wordt besteed in het kader van die samenwerking met externe partners, ofwel via subsidiëring ofwel via ‘tendering’ aan private partners. “Het aandeel ‘tendering’ naar private partners stagneerde de jongste drie jaar. In 2019 ging het om een aandeel van 8.32% of 68.269.000 euro van het totaal VDAB-werkingsbudget van 820.190.000 euro”, zegt Tom Ongena, die hierover een schriftelijke vraag stelde aan minister Crevits. “Vandaar dat we er nauwlettend willen op toekijken dat deze publieke middelen efficiënt worden besteed, en dit zowel door de VDAB zelf in zijn eigen dienstverlening als door de private profit- én non-profitpartners. Uiteraard mogen we daarbij geen appelen met citroenen vergelijken. Wie een makkelijk bemiddelbare doelgroep, zoals hooggeschoolden, aan een job tracht te helpen, heeft het een stuk gemakkelijker om hoge resultaten te behalen dan wie zich richt op moeilijk bemiddelbare werkzoekenden, zoals kortgeschoolden die behoren tot een of meerdere kansengroepen.”

Axel Ronse deelt dezelfde zorg: “Het blijkt dat de VDAB nog geen analyse heeft gemaakt met betrekking tot de algemene resultaten en de efficiëntie van tendering naar partners ten aanzien van het eigen beheer. Het enige onderzoek in die richting dateert uit 2009 en werd destijds verricht door Idea Consult, een onafhankelijke externe partner. Nu de partners van de VDAB nog aan belang zullen winnen in de nabije toekomst, dringt een nieuw onderzoek zich op. Het Rekenhof is de aangewezen instantie om de eerste stap in deze oefening te realiseren.”

Robrecht Bothuyne en zijn twee collega-Vlaams Volksvertegenwoordigers vatten daarom de koe bij de horens en dienen een motie in waarin het Vlaams Parlement het Rekenhof vraagt om een onderzoek te doen naar de effectiviteit van de uitgaven in het kader van het tenderbeleid van de VDAB. “We willen graag krijgen op de drijfveren waarom de VDAB als regisseur besluit bepaalde taken uit te besteden aan private partners en sommige taken liever zelf uitvoert. Daarenboven willen we weten hoe het zit met de resultaten en de kostprijs van die dienstverlening om met kennis van zaken het tenderbeleid te beoordelen”, stelt Robrecht Bothuyne.

Transparantie noodzakelijk

Robrecht Bothuyne, Axel Ronse en Tom Ongena benadrukken dat hun initiatief het proces van tendering zelf niet in vraag wil stellen. “Het nieuwe Vlaams Regeerakkoord voorziet een versterking van de regisseursrol van de VDAB, met een prominente actorrol voor private partners. Daarom is het van belang dat we werken aan meer transparantie van de resultaten en kosten-baten ervan”, zeggen de indieners. Het onderzoek dat de drie Vlaams Volksvertegenwoordigers in hun motie vragen aan het Rekenhof is nog maar een eerste stap in een breder proces. “Eens het Rekenhof meer duidelijkheid heeft geschapen in de resultaten van het tenderbeleid en de eigen VDAB-werking, hopen we dat er werk wordt gemaakt van een transparant meet- en evaluatiesysteem om de werking van alle private partners en de VDAB zelf systematisch op te volgen”, besluit het drietal.

 

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.